Verhalen van mannen over seksueel misbruik in hun jeugd

Trump ’t is 9 november

Ik moet bekennen dat ik het deze morgen om half zeven ook even tot mij moest laten doordringen. Net wakker geworden pakte ik mijn tablet, het was half zeven, en ik las en zag de werkelijkheid van dat moment. Trump was op dat moment de grootste kanshebber op het presidentschap van de VS. In de uren daarna werd ik, werden we overspoeld met al dit “geweld”. Op radio/tv en social media ging het alleen maar over Trump in de VS.

Ja, “geweld”, want iedereen roept en schreeuwt moord en brand en misschien doen ze dat wel terecht; ik weet het eerlijk gezegd niet goed.

Maar wat ik op eens wel dacht… zo heftig reageren mensen niet als het gaat om misbruik.

femke-alsemgeest-operatieEn ik moest denken aan het gedicht van Femke dat ik onlangs las op Twitter. Over de operatie die zij moest ondergaan. Ik heb het gedicht hier bij geplaatst. Femke stond voor een hersteloperatie die de gevolgen van het haar aangedane misbruik moesten verlichten.
Ik was geraakt door de realiteit van dat gedicht. Geraakt omdat ik zoveel herken.
En ik deelde het in mijn social media vriendengroep.
Geen reactie, geen enkele reactie van wie dan ook…. Alleen maar heeeeeel stil zwijgen.
Een paar dagen later deelde ik dat gevoel van “niemand laat nu van zich horen” tegen een journalist die ik sprak. Ook toen was het stil… de ander tegen wie ik het vertelde wist niet wat te zeggen.

Herken je dat? Dat lot; “men” wil je verhaal niet horen.
Men wil er niet van weten…
Die woorden in dat gedicht van Femke waren heel ruw en rauw, ze schuren en prikkelen, maar ze zijn wel zo heel erg waar!
Het is plastische taal en als je zou willen dan zou je er beelden bij kunnen maken. Ik kan dat in ieder geval wel omdat ik herkenning heb in die woorden. Ook ik ken de pijn en ik loop letterlijk met de littekens aan mijn onderlichaam na de diverse anale operaties… maar ja, die zijn niet zichtbaar hé… zelfs niet in de sauna.
Dus die beelden kunnen de mensheid ontgaan.
Maar Femke gaf woorden aan die fysieke (en dus ook psychische) littekens zodat ze even, heel even maar zichtbaar werden.
Femke bedankt voor je gedicht want door jou woorden klinkt misschien heel in de verte nu ergens “moord en brand”….

 

Ps. Femke heeft een website in het leven geroepen met informatie rond waar je heen kunt als je lichamelijke beschadiging hebt ten gevolge van misbruik: http://www.beschadigdlichaam.nl/

 

 

 

4bennie

Schandjongens










Schandjongens

Ontroofd

Hebben ze jullie aanschijn
jullie jongens overmand
overwalst
door een harige vent

Je luister Gods ontnomen
al je oprechtheid en je eerlijkheid
al je onnozelheid en je zuiverheid
al je onbevangenheid en je onwetendheid
de jongen in je weggekaapt

Je laten stikken in het
stront
van hun aanschijn
hun vunzige lach
hun rotte adem
hun geilheid spat uit hun twinkelende
ogen
grotten vol onheilspellende duisternis
geheel
naar hun wil moest gebeuren
een bevel

Dan weer een flemerige
zoetgevooisde stem
die het toch goed met je meent
het
beste
met je voorheeft
vertrouwen
moest je hem
je
wegschenken
aan hem

Doen naar al zijn begeren
al zijn wensen vervullen
hij drukte je in zijn modderpoel
haalde je fierheid omlaag
je pik verschrompelde tot een rups
een terugtrekkende slak in haar hol

Hij duwde je gezicht diep in het kussen
niets meer zag je
je smekende stem deed hij smoren in het dons
en het
onvermijdelijke
gebeurde
gebeurde
toch

verpletterd
onder zijn vlezig gewicht
dan weer even op adem komend

dan die
nietaflatende
snerpende
pijn
doordringend tot in het
d
i
e
p
s
t
van je wezen

Nog veel minder begreep je ervan
je
schreeuwde
het uit
sidderde
van pijn en ontsteltenis
maar het mocht niet baten

Vernederd
werd je tot een meisje
tot een hoertje die zich overgaf

Al die onsamenhangende geluiden
je zweet vermengde zich met de zijne
zijn lijf
vastgehecht
aan de jouwe

Waarom toch
waarom toch is alles zo
zoals het nu is gebleken
moet alles wezen

Zoals het zich nu openbaart
is dit nu de
werkelijkheid
de enige waarheid
of bestaan er nog andere mogelijkheden

Met wie kan je dit delen
slechts te delen kan je het met die overmeesteraar
dat kan toch geen
eerlijk
spel wezen
een p e r t i n e n t e leugen sneeuwt de waarheid onder

Wat is echt en niet echt
een droom
en toch de werkelijkheid
ontnuchterd
door stekende pijnen overal

Je kont zo groot als een olifant
een bittere grijns omtrok je lippen
diepe ernst daalde neder in je hart
en toen
vergenoegd
kreunend gleed hij van je af
en keek niet meer naar je om
liet je liggen in al zijn drek
jouw drek
een fraai cadeautje achteraf
je wist je te redden naar het toilet

Ook onder de douche knapte je niet op
voorgoed
was je innerlijk bedorven
heel je geest aangetast tot aan het bot
het
kind
in je vermoerd

Je bleek toch niet alleen te wezen
je wilde andere lotgenoten delen in je leed
maar die haalden slechts onverschillig hun schouders op
ja
jullie geest raakte versufd na de zoveelste herhaling
een gelatenheid tot in het hier en nu
van de ene ellende in de andere
van de regen in de drup
tussen al die harige meesters
niets
in te brengen immers had je
een willoos slaafje in al zijn onderdanigheid
talloos bleken hun vunzige spelletjes
geen weerstand bood je meer tegen die snerpende zweep
waar het vuur vanaf spatte

Veel te strak hadden ze je gebonden
je tegenstribbelende spieren lam gelegd
hoelang nog laat je ons zo hangen
als gekeelde zwijnen in een slachterij
elk wachtend op zijn beurt
je besloot er maar wat van de maken
want weerstand bieden bood geen enkel soelaas
daar had je slechts jezelf mee

Die knop in je hoofd zit er toch niet voor niets
telkens weer omdraaien naar een andere stand
hun vreugde is ook
jullie
vreugde gebleken
hun genot ook de
jouwe
ja, toch hadden ze het goed met je voor
delen mocht je in al hun zaligheden
op gewiekste wijze wisten ze steeds je pijngrens te verleggen
zinderend genot
kwam er voor in de plaats
trok door al je ledematen heen
uitte zich in een krachtige explosie
hoe lang
moet je nog wachten op die volgende keer
dan zou het nog zaliger worden
maar onder je lotgenoten werd er nauwelijks nog gesproken

Tastbaar
werd die inktzwarte duisternis voor je ogen
je voelde je meer dan
ontmand
want een lieftallig meisje zul je nooit meer omklemmen
haar met al je kracht mogen bezadigen
je had immers geleerd onvoorwaardelijk te gehoorzamen
dagelijks werd je onderdrukt
met zachte of harde hand – het gebeurde
nietaflatend

Je leven hebben ze uit je weggekaapt
dat geluk met een meisje
de zegen van het ouderschap
een kinderschare om jullie beiden heen
hebben ze jullie allen aangedaan

Maar mijn Vader kon dit niet langer aanzien
deze boodschap heeft Hij naar jullie afgevaardigd
een fel oordeel zal Hij over jullie belagers doen trekken
en jullie voorgoed bevrijden uit jullie ellende
ja
het onbevangen jongensschap zal Hij in jullie herstellen
en meer dan dat
al het onmogelijke zal Hij toch mogelijk maken
overstelpend
zal Gods liefde jullie blijken
aan al je ellende zal nimmermeer gedacht worden
en Zijn Zoon zal jullie weiden als Zijn dierbare kudde
in grazige weiden zonder einde zullen jullie voor eeuwig verblijven
Zijn dauw zal op het gras gebleken zijn

4bennie

Ben

Gevolgen misbruik door anderen
Zichzelf zien
In vele jongens ziet hij iets van zichzelf
zij zijn voor hem tot een obsessie geworden
alles wil hij van kinderen delen
en indien mogelijk alles voor willen doen
want hij weet wat hen ontbeert
als jongen verlangt hij altijd met een jongen samen te willen zijn
hem te willen liefkozen
een jongen is hij gebleven
niet bepaald uitgegroeid tot een man met al zijn mannelijkheid
weet zich telkens een kleine jongen tegenover wie dan ook.

Kind-zijn afgenomen
Toch werd hem het kind-zijn afgenomen
als een bloemknop te vroeg opengepeuterd
die volwassen zaken gaan hem nog geenszins aan
toch zijn ze hem opgedrongen
had slechts te happen en door te slikken
tot een pseudovolwassene gemaakt
al zijn onbevangenheid verdwenen
geschaad in het vertrouwen van mensen
mannen staan hem geenszins aan
de mens heeft hij al te snel door
ziet allerlei dingen tussen hen gebeuren
zijn sociale scherpte is enorm.

Echtheid
Alsmaar op zoek naar de echtheid en de waarheid
heimwee naar de onbevangenheid, zuiverheid en eenheid
weemoedig wil hij dat uitbeelden in eeuwigdurende naaktheid
hij gruwt van zijn eigen kleding
houdt zich zo zuiver mogelijk van troebele naturen
altijd is hij serieus
een diepe ernst trekt door hem heen.

4bennieAfkeer en verzet
Een diepe afkeer heeft hij van de maatschappij
het meest walgt hij van vrouwen
– feministische jufs die het jongens-eigene van jongens ontroven –
een wereld van de schone schijn
die dubbele moraal van alle mensen
alles barst van drogredenen en mythes, leugens en illusies
de werkelijkheid blijkt onwezenlijk te zijn
iedereen wantrouwt hij
– als de chef binnenkomt
is iedereen opeens heel ijverig
hij doet het tegenovergestelde –
hoe haat hij het ontvangen van geschenken
nooit komt dat uit een oprecht hart
ook zijn aanrander bleek nog andere jongens te hebben
verraden voelde hij zich.

Eigen schuld
Ach, het is toch helemaal niet zo erg
dat ze je genomen hebben
je beeldt je maar wat in
meegesleurd werd hij in hun bagatellisering
totdat zijn ontkenning schipbreuk leed
hij kon er niet meer omheen
moest de volle omvang van de schade onder ogen zien
zelf verantwoordelijk voelt hij zich voor al wat hem overkomen is
diepe schuldgevoelens kwamen bij hem op
vol raakte hij van zelfverwijt en zelfoordeel
geen enkele reden had hij voor zelfbeklag of zelfmedelijden
daar schiet je trouwens niets mee op
zou hij ooit zijn eigen tengels kunnen afhouden van zijn zoontje
afstandelijk moest hij van hem blijven
– maar een totaalopvoeding had hij hem gegeven
alles heeft hij hem onderwezen wat hij maar nodig had
redenen had hij daartoe meer dan voldoende
zijn God en Vader stond hem in alles bij.

Harige, zwetende mannen
Overrompeld werd hij door diepe schuld en schaamte
nooit zou hij met iets door media bekend willen worden
die weerde hij angstvallig van zich af
al zijn rechtszaken liet hij afhandelen achter gesloten deuren
hoewel hij niets verkeerds had gedaan
zo walgt hij van zijn verjaardag, viert ‘m niet
want centraal wil hij nimmer staan
zijn keel snoert in bij al die valse complimenten
welk een grote hekel heeft hij aan dat al
zijn lichaamsgeuren brengen hem in de war
wil niet gelijk worden aan al die harige en zwetende mannen
die al hun wellusten op hem botvierden
sport staat hem ook daarom heftig tegen
alles wenst hij te doen met zijn hoofd.

Waardeloos
Hij is geheel nietswaardig gebleken
voelt zich een nietsnut en een onbenul
heeft geen enkel gevoel voor eigenwaarde
nooit heeft hij het over zijn eigen ik
maar schrijft over zichzelf in de hij-vorm
slechts gewaardeerd weet hij zich door zijn misbruikers
nog even en dan zoekt hij hen weer op
de wil van de ander gaat altijd voor
hij past zich aan, is welwillend
staat altijd voor hen klaar in alle onderdanigheid
legt zich toe op het beoefenen van de gastvrijheid
– gedienstig schilderde hij dikwijls muren en plafonds van anderen –
nederig wenst hij te blijven
waarom zou hij zich belangrijk voelen
zijn God heeft hij primair gesteld, boven zichzelf
als dienstknecht wenst hij elke dag voor de Heer Jezus op te sieren
slechts op Hem kan hij zich verlaten
– ook zijn alternatief thuisonderwijs liet Hij hem gelukken

Schandjongen
Inlevend is hij naar elk ander
is voorkomend, staat altijd voor hen klaar
opkomen zal hij voor de zwakkeren
hoe voelt hij hun tekorten en pijnen
nooit wijst hij op hun fouten
want kritiek is er al genoeg
maar houdt hen altijd in hun waarde
ook als schandjongen stelt hij zich actief op
lotsverbonden weet hij zich met andere schandjongens
als het in zijn vermogen ligt – uitredden zal hij hen, een voor een
uitgespuwd door iedereen – maar geliefd door hun Vader
dat is toch het enige dat telt.

Het waarom
Als dienaar voelt hij de macht van de ander
anti-autoritair is hij in zijn optreden
hoe verafschuwt hij mannen met gezag
maar zo waren nu eenmaal de machtsstructuren in zijn tijd
een kind heeft het zelfs niet te wagen zijn mond open te doen
verkeerd te denken van een volwassene
het waarom behoorde slechts hen toe
nooit drong hij zich aan hen op
maar uiterst gevoelig werd hij daardoor voor kritiek
verplichte afspraken maken gaan hem slecht af
maar soms maken ze het werkelijk te bont
bij onrechtvaardigheid komt al zijn drift naar buiten
onberekenbaar is hij gebleken
zo wisselend in stemming, vol agressie
zich openbarend als een ware explosie

Dubbelheid
In alles blijkt zijn dubbelheid
niet willen en toch doen
lust en pijn zijn twee handen op een buik
in een roes laat hij zijn pijngrens verleggen
opdat zijn lust de walging overstemt.

 

de jongenOmkeringen
Gewend geraakt aan al die omkeringen
het natuurlijke naast het tegennatuurlijke
hetero of homo – of wellicht toch bi
volwassene en kind
is hij nu een man of een vrouw
ze hebben hem immers schaamteloos diep gepenetreerd
passief is hij bevonden, en niet actief
alles draait zich in zijn hoofd om
is hij schuldig of onschuldig
welk is de oorzaak, wat het gevolg
innerlijk verdeeld is hij gebleken
de verkrachter vertoont zich in twee gedaantes
als dienaar van God, in het zwart gekleed
– bij diens afscheid door velen op handen gedragen –
en als een naakte vent met die vreemde lichtjes in zijn ogen.

Ja is ook nee
Vertroebeld is de ja-en-nee-vraag
hij verwisselt ja met nee, en andersom
dat maakt hem zo besluiteloos
kan niet meer adequaat reageren
o zo bang om nee te zeggen
kan moeilijk praten, stamelt maar wat
zelfs een eenvoudige beslissing kan hij niet meer nemen
in de beroepskeuze haakt hij af
in zijn hoofd is een divergent denkproces gaande
hoe moet hij deze vraag interpreteren
er blijken steeds vele antwoorden mogelijk
hopeloos wordt hij van al dat denken in cirkels
het maakt hem steeds wanhopiger
dat reikt tot aan zelfmoord toe
waarom begrijpt hij niet direct wat de ander zegt
begrijpt hij ‘m steevast verkeerd.

Weg van de plek de onheils
De plek des onheils wenst hij niet meer te zien
steeds weer moest hij verhuizen
onrustig werd hij ervan
wenst vastigheid in zijn leven
zo’n behoefte aan rust en regelmaat
op gespannen voet staat hij met al die wisselvalligheden

Twee
Twee dingen tegelijk kan hij echt niet doen
dat brengt hem uit zijn concentratie
met moeite kan hij dingen regelen
een technisch klusje doet hij met de grootste moeite
het zweet breekt hem aan alle kanten uit
waarom moet hij zich dwingen in een ander denkpatroon
een hekel heeft hij om ergens naartoe te moeten
laat staan op vacantie te gaan
snel raakt hij de kluts kwijt
verward na een telefoontje
dat onnatuurlijke brengt hem in de war
de persoon wenst hij direct bij zich te zien
hem te horen, voelen, te proeven en te ruiken

Ontheemd en vervreemd
Vervreemd is hij van alles en van zichzelf
waarom leeft hij niet bij die traditionele stammetjes van weleer
waar alles nog op natuurlijke wijze verloopt
ontheemd voelt hij zich van alles
raakt afwezig en verward
verlegen komt hij over
onwezenlijk staart hij voor zich uit
is er voor een deel niet bij
anderen zien dat aan zijn vreemde gelaatsuitdrukking
hij droomt en fantaseert maar wat
loopt te piekeren en te filosoferen
als een mysticus op mystieke wijze verbonden met het hogere
naar hogere sferen vertrokken
uit zijn hoofd getreden.

Hyperalert
Hyperalert is hij op alles geworden
een schok trekt door hem heen
hevig schrikt hij voor de bel en telefoon
opnieuw ervaart hij de plotse knal van de venijnige zweep
zijn ademhaling wordt al te heftig
een diepe pijn trekt in zijn borst
nee, prik me niet
als hij zijn eigen bloed ziet
trekt het wit weg voor zijn ogen en bezwijmt

Nachtmerries
Telkens keren zijn dromen terug
alsmaar dezelfde gruwelijke thema’s
herinneringen die hij vergeten mocht doemden weer op
zijn nachtmerries houden hem de gehele dag bezig
nee, niemand mag dit weten
moet absoluut geheim gehouden worden
want zij zouden hem toch niet geloven
weerstand zou hij van hen ontvangen
in plaats van die felbegeerde liefde en begrip

portretEenzaam
Dit heeft hem getrokken in de eenzaamheid
zelfs met zijn leeftijdsgenoten is dit niet te bespreken
ze zouden in hun onbegrip hem mijden als de pest
vindingrijk werd hij in het opdissen van allerlei leugentjes om bestwil
vooral tegen zijn eigen vader en moeder
geleerd om uitstekend toneel te spelen
want het geheim moest kost wat kost geheim blijven
en waarom zou hij zich moeten rechtvaardigen
het hem aangedane onrecht leerde hij zwijgend te dragen.

Aldus raakte hij geïsoleerd van anderen
diep ingekeerd in zichzelf
als alleen op de wereld
ontberend alle begrip en liefde
verweesd raakte hij van al zijn broers en zusjes
het meest nog van zijn eigen ouders
die geen raad met hem wisten
waarom zou hij zijn probleem aan wie dan ook vertellen
want als iemand hem zou willen helpen
gewis pakt dit altijd averechts uit
autonoom leerde hij al zijn moeilijkheden zelf op te lossen
aangeboden hulp aanvaardt hij slechts met de grootste moeite
dopt zijn eigen boontjes zelf wel

Volle zalen
Heel snel vergeet hij het aangezicht van een ander
maar praat die een poosje met hem
herinnert hij heel diens karakter
het innerlijke ziet hij van hen, niet het uiterlijke
maar geen enkele aansluiting vindt hij bij anderen
een volledig ander denkpatroon hebben zij
het benauwt hem zo in volle zalen
veel geschreeuw en weinig wol
hij mijdt samenkomsten als de pest
op hun feesten is hij nimmer van de partij

Zinloos
Onverschillig is hij van alles geworden
wat voor zin heeft alles, en dit leven
gelaten laat hij alles aan zich voorbij trekken
weerstand bieden blijkt geen enkele zin
het kaas laat hij maar van zijn brood eten
futloos en krachteloos voelt hij zich
somber en dor
waarom moesten die kerels steeds weer specifiek hem uitkiezen
straalt hij dat soms uit
heeft hij soms honing aan zijn kont
de beklemmenis omvangt hem
hoe wenst hij de bevrijding
die opleiding heeft hij maar afgebroken
die lesstof boeit hem niet het minste
neerslachtig raakte hij
gemelijk, humeurig en bedroefd
geheel en al verscheurd.

Jezus
Maar het negatieve gedrag schakelde hij snel om naar het positieve
die knop in zijn hoofd zit er niet voor niets
de Heer Jezus heeft hij zich toegeëigend om te overleven
en zijn leven tot een succes te maken
al zijn angsten overwon hij in gebed
kon dat feilloos aan Hem overgeven
zijn optimisme kende geen grenzen
het verschafte hem nieuwe hoop
vrolijk werd hij ervan, tot euforisch toe
schonk hem kracht, maakte hem fit
gelukkig is er nog plaats voor een lach
voor een fijne grap.

Intelligent en hoogbegaafd
Het klaarde op in zijn hoofd
in staat om helder te denken
hij weet hoe geniaal hij van nature is
intelligent en hoogbegaafd
al is dit eerder een vloek dan een zegen gebleken
van het ene te veel, van het andere te weinig
wat levert die vierdimensionale wereld hem in de practijk op
ach, dat mathematische denkproces
dat rationele en abstracte denken
als een metafysicus alsmaar zoeken
wat is de oorsprong en wortel en kern van alles
zijn wijde moraliteit
paradoxaal maar waar
met al wat hem overkomen is op geslachtelijk gebied
het heeft hem meer dan brilliant gemaakt.

Doorgaan
Altijd moest hij bezig blijven
hard werken om die donkere onweerswolk voor te blijven
voortdurend rende hij achter alles aan
zo doelmatig mogelijk moest hij omgaan met zijn tijd
perfectie moest er wezen
falen mocht hij nimmer
ver heeft zijn hoofd hem over alle grenzen heengejaagd
hoorde niet dat zijn lichaam een grens aangegeven had
daar ging hij weer onderuit

de Ware Overlever
Hij bijt zich verwoed door het leven heen
zijn begaafdheid en creativiteit
een ware overlevingskunst
inventief is hij gebleken
veerkrachtig, vol expressie
alle vormen van kunst heeft hij bedreven
boetseren, beeldhouwen en installaties
schilderen en tekenen
chinese karakters schilderen
proza en poëzie
muziekcomposities componeren en spelen op zither en cymbaal
in alles heeft hij zich weten te uiten
al zijn herinneringen op verbloemde wijze vorm gegeven
alles doortrokken van het geslachtelijke

Seks en dwang
Sterk gericht blijkt hij op het mannelijk geslacht
geraakt in de ban van de penis, fallus en lingam
alles wenst hij ervan te weten
zoals God dat bedoeld heeft
trekt dat uitvoerig na in heel de natuur door Hem geschapen
naast alle mogelijke vormen van perversiteiten
een obsessie is dat voor hem gebleken
zo zinnelijk vol hartstocht, wellust en geilheid
grenzeloos in seksuele activiteiten
als dat niet met anderen gaat, dan maar met zichzelf
tot in het extreme toe
nee, hij wil het echt niet meer
en toch gebeurt het telkens weer
verlangt zo om weer mishandeld en verkracht te worden
vastgebonden en tentoongespreid
ondersteboven gegaffeld en geslachtelijk doorgeseld
wenst weer te zweven tussen de sterren van de Melkweg
hoe verslaafd weet hij zich
telkens moet het zich herhalen, keer op keer
hij daagt hen zelf weer daartoe uit
virtueel pijpen zal hij hen, zijn hele leven lang
herinneringen steeds weer oprakelend
zo verliefd is hij op zijn eigen geslacht
maar zo heeft zijn Schepper dat niet bedoeld
de voortplanting staat in al dat geslachtelijke primair
de lust gaf Hij erbij opdat het geschiedde, tot een feest
maar met de pil scheidden zij de lust van de voortplanting af
de wellust omarmd, het kinderen krijgen weggedrongen
het hek raakte van de dam

Positieve Pijn
Maar nietaflatende pijnen in zijn liezen bogen zijn verslaving af
blijvend bleek hij getroffen in zijn schaamstreek
naast zijn psychische liep hij ook nog een fysieke dwarslaesie op
dat was het laatste cadeautje achteraf van zijn belagers
ach, dat kan er nog wel bij
al het negatieve buigt hij om tot positief
dit komt hem louter ten goede
en ook zijn Heer
Die hij niet met het badwater – de kerk – heeft weggegooid
Die hem met alles heeft bijgestaan in alle geduld
tot een blijvende meerwaarde werd hij voor zijn Vader
hij is Hem ondanks alles intens dankbaar voor dir al
hoe wonderbaar zijn al Zijn wegen

Wat er is gebeurd

Ik was vijf en een half jaar oud. Het is 1958 oktober/november en we wonen pas een jaar in het Friese dorp. Mijn
moeder is vaak ziek en wordt omstreeks deze tijd voor een paar weken in het ziekenhuis opgenomen. Er
komen gezinsverzorgsters in ons huis. Mijn moeder is vaak depressief in die tijd en ik ben vaak me heel
bezorgd over haar. Ik ben bang dat ze zichzelf zal gaan verdrinken of ophangen. Ik heb nog niet Fries leren
spreken en ben veel buiten en alleen op straat en ik heb er mijn eigen wereldje. Er is toen iets gebeurd dat
ik toen aan niemand heb verteld en daarna diep heb weggestopt tot het 50 jaar later weer opdook.
Ik had zelf een weggetje gevonden waardoor ik tussen wat huizen door en stiekem door een tuin kon lopen om
dan door de steeg langs het kerkje te gaan naar de Radiostraat die vlak bij ons huis was. Dat had ik al een paar keer gedaan toen ik in die tuin opgewacht ben door een man en die pakte me bij m’n arm en nek en duwde mij heel
snel een huis binnen. Hij bracht me in een kamer en deed de deur dicht. Er was niet veel licht de gordijnen
waren dicht.
Hij trok mij heel snel m’n broek en onderbroek uit en trok m’n trui omhoog. Hij maakte mij bloot en deed ook
z’n eigen broek uit. Hij had een grote stijve penis en ik had dat nog nooit gezien. Zag dat nu ook heel kort maar ik
zag dat nog vaak in m’n hoofd daarna en moest er ook vaak aan denken als ik naar m’n vader keek omdat ik
dan de vraag in mijn hoofd had: is mijn vader ook zo en kan hij dan ook zo doen? Dat geheime weten
maakte dat ik me alleen voelde omdat ik mijn vader ook niet meer vertrouwde, net als de angst dat ik weer
gepakt zou kunnen worden. Ik was vanaf toen alleen met dat beeld en die angsten omdat ik er met niemand
over mocht praten.
Hij draaide mij om zodat ik hem niet meer zag en legde mij op de tafel en het gebeurde nu achter mijn rug.
Hij trok m’n billen uit elkaar en duwde z’n vinger in mijn kont en wat hij nog meer deed dat weet ik niet. Ik
voelde pijn maar ook een soort overgave doordat ik door hem zo werd vastgehouden dat ik me niet meer
bewegen durfde of kon. Ik heb gevoeld dat ik niet meer van mezelf was maar helemaal van deze grote man. Hij wist
wel waar hij mee bezig was.
Hij nam me daarna mee naar buiten maar nog niet liet hij me gaan maar nam me mee achter in het kerkje. Hij had de sleutels.
Daar waren deuren op slot en er was niemand. Dat was een herhaling van de eerste schok: nog eens moest
ik ervaren dat ik echt gevangen was doordat ik wel even buiten kwam maar meteen daarna weer mee naar
binnen werd genomen en er weer niets of niemand was om mij hieruit te bevrijden en er een eind aan te
maken. Het voelde alsof ik daar opgesloten zou kunnen worden.
Ik moest toen zijn lul vasthouden en hij trok zich af en ik moest dat zien. Hij zei dat ik de volgende dag terug
moest komen en dat god alles ziet en alles weet en dat ik het tegen niemand mag zeggen omdat het zondig
is. Ik ben naar buiten gebracht en ben toen gaan rennen en ben heel lang buiten in de regen blijven lopen
omdat ik nog niet naar huis toe durfde. Toen ik laat en kletsnat thuiskwam kreeg ik straf en moest naar bed.
De volgende dag was ik ziek en bang omdat ik niet bij hem gekomen ben. Daarna nog een keer in het kerkje
geweest weer bloot en weer iets in mijn kont gestoken en misschien nog n keer? Dat weet ik niet precies.
Daarna niet meer en dat was vooral dankzij regelmatig ziek worden en daarom niet naar buiten of naar
school hoeven. Een tijd later heb ik een steen door de ruit gegooid bij dat huis en daarna ben ik daar nooit
meer geweest maar ik voelde me nooit meer onbevangen in het dorp.Ik voelde dat hij me overal opnieuw zou kunnen pakken.
Andere herinneringen die hier los vast mee verbonden zijn:
Wat later probeer ik een andere kind in de zandbak bij de kleuterschool z’n broek uit te trekken om z’n piemel te
pakken of z’n billen. De juffrouw is boos en misschien omdat ik het vaker deed mag ik niet meer buiten in de
zandbak spelen. Maar ik voel me niet op mijn gemak binnen en tussen de andere kinderen.
Later ga ik met een jongen die even oud is als ik een rietveld in waar geen mensen komen. Ik heb daar een
soort hol gemaakt in het hoge riet. Op mijn initiatief spelen we daar een aantal keer hetzelfde spel: we
steken om de beurt een stokje tussen de billen van de ander. Die moet dan stil op zijn buik blijven
liggen. Na een paar keer dit gespeeld te hebben wil die andere jongen niet meer en dan ben ik bang dat hij het
aan anderen zal vertellen. Ik denk dat dit spel niet mag maar zou het toch steeds weer willen spelen. Ik ga
daarna meest met meisjes om, niet meer met jongens. Heb dan ook geen echte vriendjes maar ook geen
vriendinnetjes.
Ik loop nog wel een aantal keren langs het huis waar ik gepakt was, maar voorzichtig langs de overkant van
de straat tot de keer dat ik er een steen door de ruit smijt. Dan kom ik daar niet meer. De herinneringen
verdwijnen naar de limbo…
Een half jaar later: De juffrouw in klas 1 geef ik een stomp in haar buik waar ze zo van schrikt dat ze mijn
moeder op school laat komen om uit te zoeken waar die agressie van mij vandaan komt. Ze houden het er
op dat ik verkeerde boeken lees….
Zo ben ik een klein kind geweest.

BLAUW – Groot en klein

Groot en klein. Een contrast. Of toch niet? Vaak genoeg zit het grote in het kleine. Of juist andersom: het kleine zit in het grote. Hoe ga je daarmee om? Met het grote en het kleine, in het grote of het kleine.

Aanstaande zondag in Utrecht poëzie entiteit Blauw dat zijdelings het thema seksueel misbruik aanraakt.
Met muziek van Bertine, proza en dichtwerk van Mariska Susebeek, Chantal Halmans, Esther Gottenbos en Bernhard Christiansen.
Daarnaast een interview met Peter John Schouten die meer dan dertig jaar als therapeut met misbruikte mannen werkt. Tijdens Blauw een interview met hem over zijn vernieuwende inzichten over verwerken van seksueel misbruik.

Zie voor meer informatie het de link naar het Facebook evenement: https://www.facebook.com/events/151242725246177/

Locatie: Cafe averechts, Lijsterstraat 49, Utrecht
Tijd: 15:00-17:30u

IJSBLOK

Het kind
Zo jong
Vier jaar misschien
Onbevangen
Open en Puur
Kwetsbaar ook
maar
Zonder schaamte
staat onder de douche

die ander
de tienerbroer
ondanks 9 jaar ouder
ook jong – maar belust
met camera – zonder besef
maakt foto

het MOMENT
van macht
vrieskoude kwam
Frozen
ijsblok
doods
levenloos

nooit meer

is het kind
zo jong
onbevangen
open en puur
want
kwetsbaar werd gekwetst
zonder schaamte werd schaamtevol

redding kwam
dissociatie
vlucht
angst
doodsgedachten
wens te verdwijnen
weg te willen zijn

de dader van het MOMENT
leeft in leugen en bedrog
in ontkenning van zijn daad

het kind
gaat voort
in de mens
52 jaar nadien
Een mens
Geknakt
Pijn
Vluchtend
Dissociërend

Waar
vandaan komt
hulp

Mijn hulp?

Bijna 50

Op mijn veertiende jaar, in 1980, ben ik voor het eerst seksueel misbruikt. Op uitnodiging van schoolvriendje E. ging ik een dag mee rijden in een Cadillac Seville van een kennis van E. Het bleek een vooropgezet plan te zijn, en na de rit belandden we met z’n drieën in bed. Ik was verlamd en liet het over me heenkomen. Nu, 35 jaar later, ben ik soms nog steeds verlamd. Mijn vermogen om onvoorwaardelijk lief te hebben is verdampt. Mijn lichamelijke integriteit is geschonden en ik kan soms geen intimiteit verdragen. Ik worstel met homoseksuele gevoelens en fantasiën. Voor ik trouwde heb ik twee lange relaties gehad met mannen. Uiteindelijk heb ik rust en liefde gevonden bij mijn vrouw.

 

Robert Chesal : Seksueel misbruik massaal door de vingers gezien, een levenslange lijdensweg

Toen journalist Robert Chesal het seksueel misbruik in de katholieke kerk op grote schaal onthulde in 2010, kwamen vele meldingen binnen van mensen die waren misbruikt in Nederland, maar per direct waren er ook meldingen uit Curaçao. Een golf van publiciteit was het gevolg. In Nederland welteverstaan, niét op Curaçao. In zijn recent verschenen boek Een verzwegen leven doet Chesal verslag van de gruwelijkheden, ook op Curaçao. Maar wie denkt dat het misbruik is gestopt, heeft het mis: met financiële vergoedingen en in die zin afhankelijkheid van de kerk worden momenteel veelal arme gezinnen het zwijgen opgelegd.
“Een misbruikt kind is getekend voor zijn leven, misbruik verdwijnt nooit uit je hart en bestaan. De zoektocht naar erkenning is levenslang.” Dat zegt de uit Amerika afkomstige Robert Chesal, die als journalist bij Radio Nederland Wereldomroep (sinds 1990) samen met NRC-journalist Joep Dohmen het grootschalige misbruik binnen de katholieke kerk op het spoor kwam. Ze doken er samen in en het liet hen niet meer los. Chesal was genoodzaakt enige tijd te stoppen aangezien de meldingen hem te zwaar vielen.

De schok en het afgrijzen trok een wissel op de Nederlandse samenleving. Moeizaam en frustrerend was het proces omdat het zwijgen en verdraaien van feiten aan de orde van de dag was. Zelfs de commissie-Deetman – ingesteld om onafhankelijk onderzoek te doen – bleek minder onafhankelijk dan verwacht. In haar rapport uit 2011 (1257 pagina’s) wordt toegegeven dat sinds 1945 tienduizenden jongens en meisjes seksueel zijn misbruikt door kerkdienaren. Ondanks verwijtbare feiten stapte geen enkele bisschop op. De discussie laaide enige weken geleden in Nederland weer op toen NRC een artikel van Dohmen en Chesal publiceerde over hun onderzoek naar de onbetrouwbaarheid van het rapport, waarin nieuwe verzwegen feiten aan het licht kwamen. Zoals de castratie die een minderjarige jongen onderging als straf nadat hij het misbruik had gemeld. Maar ook het feit dat een aantal (nog zittende) bisschoppen al die tijd de hand boven het hoofd gehouden was, waaronder Ad van Luyn (toenmalig bisschop van Rotterdam en hoofd van de bisschoppenconferentie).
Ook in maart presenteerde Deetman zijn tweede rapport over het geweld tegen meisjes, wat eveneens een regen aan kritiek ontving vanwege weglatingen en bagatelliserende opmerkingen.
Misstanden in Curaçao
In navolging van de commissie-Deetman stelde het bisdom Willemstad in 2010 de onderzoekscommissie-Koeijers in, die zaken op Curaçao moest onderzoeken. Dit vanwege het feit dat direct na de eerste publicaties een aantal reacties uit Curaçao binnenkwam, wat het vermoeden deed rijzen dat er meer aan de hand was. In tegenstelling tot een lijvig rapport van Deetman ondernam de commissie-Koeijers geen actie toen er klachten binnenkwamen en liet met regelmaat weten geen tijd te hebben gehad om te vergaderen. Het bisdom, als eerst verantwoordelijke, leek niet van plan werk te maken van de misstanden. Op papier bestaat de commissie nog steeds.
Chesal: “Aangezien de kerk zo’n belangrijke rol speelt in de Curaçaose maatschappij, betrokken wij Curaçao in ons onderzoek. De Caribische afdeling van de Wereldomroep zag inmiddels ook voldoende aanleiding. We ontdekten dat de kerk, zo geliefd en invloedrijk, financiële macht gebruikte om mensen de mond te snoeren. Gezinnen, afhankelijk van de kerk voor hun levensonderhoud, moesten het misbruik waarvan zij op de hoogte waren op de koop toe nemen. Dit vertelde ons een anonieme bron: een vrouw werkzaam in de kinderhulpverlening.”

Don Sarto School. Foto © Lisette Wellens

In dit eerste deel doen we verslag van een aantal misbruikzaken die zich op Curaçao afspeelden, waarbij we aantekenen dat alle zaken die worden aangekaart nooit zijn weerslag mogen hebben op de liefdevolle zorg van andere broeders en nonnen. In deel 2 gaan we in op het accepteren van de slachtofferrol en waarom dat zo moeilijk is op Curaçao. Ook volgt in deel 2 Chesals persoonlijke verhaal over het misbruik dat hijzelf onderging.
Onder de meldingen die Chesal vanuit Curaçao ontving was die van een nu zestigjarige man, die uitsluitend onder pseudoniem Johnny wil praten. Hij vertelde over misbruik en mishandeling van tientallen kinderen door twee fraters in het internaat in Soto. Beide fraters, waaronder het verantwoordelijke hoofd van de Don Sarto lagere school, behoorden tot de Fraters van Tilburg, over wie ook in Nederland vele meldingen binnenkwamen uit de jaren zestig en zeventig en die zich bovendien vergrepen aan zwakbegaafde en geestelijk gehandicapte jongens van het De La Salle-instituut in Brabant.
Johnny was tien toen het misbruik begon. “Het gebeurde op de kamer van een frater, je moest je broek opendoen en dan begon hij te friemelen. Je durft niet meer naar binnen, omdat je weet wat er gaat gebeuren.” Volgens Johnny troffen de betastingen die op school plaatsvonden alle leerlingen, ook diegenen van buiten het internaat. Johnny vertelde tevens van regelmatige fysieke mishandelingen.
Voetbalgroep Curaçao. Archief Fraters van Tilburg
Frater Broer Huitema, wereldwijd de hoogstverantwoordelijke van de Fraters van Tilburg, weet dat het gebeurde. “Fraters die zich hieraan schuldig maakten, werden overgeplaatst naar andere – administratieve – posities, weg van kinderen. Aangifte bij de politie werd niet gedaan, noch werd contact gezocht met ouders.” In de jaren zestig tot eind 1995 waren de Fraters van Tilburg betrokken bij het onderwijs op de Antillen, in Suriname en Indonesië.
Trauma herbeleven
Chesal sprak op Curaçao één van de jongens die in de jaren vijftig op het jongensinternaat het Juvenaat zat, een prestigeproject voor Curaçao, de trots van de kerk. Deze nu zeventigjarige man was in zijn internaattijd een bedplasser. Een pater hielp hem ‘s nachts zijn bed verschonen, maar misbruikte de jongen vervolgens, een misbruik dat twee jaar doorging. Chesal: “Angstig om zich heen kijkend of iemand hem zag, betrad deze man het hotel waar wij hadden afgesproken. Even daarvoor had hij het misbruik, levenslang als geheim bij zich gedragen, aan zijn dochter verteld. De tranen stroomden over zijn wangen toen hij door het vertellen het trauma herbeleefde.” Een aantal jaren na het misbruik sloot het internaat plotseling en uitsluitend geruchten deden de ronde. De man in kwestie deed zijn beklag bij de ’onafhankelijke’ klachtencommissie-Koeijers, maar hoorde maandenlang niets, nog geen ontvangstbevestiging. Chesal: “Mensen weten inmiddels dat ze niet bij de kerk terecht kunnen, dus melden ze hun klachten daar niet meer. Omdat er dus weinig binnenkomt, lijkt het of het niet is gebeurd. Dan is de cirkel rond. Mijns inziens moet er een onafhankelijk lichaam komen, dat de zaken uitzoekt.”
Ronald Koeijers. Foto © René Roodheuvel

 

Verwrongen
De reputatie van de kerk blijkt elke keer belangrijker dan het belang van het slachtoffer. Een patroon dat niet alleen in de kerk, maar ook daarbuiten is te zien: overal waar kinderen in institutionele zorgsituaties van de zorg van volwassenen afhankelijk zijn, waar volwassenen macht hebben over kinderen, bij scouting, bij een sportclub gebeurt dit, wereldwijd. Zo wordt in Noord-Amerika, Europa en Australië het seksueel misbruik inmiddels aan de kaak gesteld. Het is universeel menselijk gedrag, hoe onmenselijk tegelijkertijd. Chesal: “Dat het in de kerk zo’n vlucht kon nemen heeft te maken met de vele zorgsituaties, zoals internaten en kostscholen onder kerkelijke leiding maar ook parochiale situaties, waarbij misdienaren bij priesters thuis kwamen of de priester een vertrouwde figuur binnen de familie werd.”
Wat we bij het kerkelijk seksueel misbruik niet uit het oog mogen verliezen volgens Chesal, is de verwrongen seksualiteit van de paters, door het celibaat in de hand gewerkt, maar ook het ontbreken van realistisch seksueel onderwijs. “Het onderwijs in de katholieke kerk is gebaseerd op de seksuele moraal uit de middeleeuwen en is nooit aangepast aan de praktijk, een verouderd beeld dat destructief blijkt. Ook jongeren leren vanuit dit onderwijs slechts dat ze zich moeten onderwerpen aan het gezag en zijn zodoende weinig weerbaar.”
Naast misbruik ontstaan vanuit verwrongen seksualiteit, staan pedofielen die doelbewust op zoek gaan naar werk waar kinderen in groten getale aanwezig zijn, zo stelt Chesal. Een niet onbelangrijk gegeven is verder dat vele mannen in de jaren vijftig die vanwege homofilie of pedofilie niet pasten binnen de moraal van trouwen en kinderen krijgen een gepast toevluchtsoord zochten in de kerk, waar zij een status genoten die zij anders zouden moeten ontberen.
Sint Annakerk, Otrabanda. Foto © Ferdinand Willemse
Antenne voor timide kinderen
Het leek de vrolijke goedlachse Curaçaose ‘Cora’, therapeute van beroep, zinvol om met haar misbruikverhaal naar buiten te komen, zij wilde degene zijn die de discussie rond seksueel misbruik op Curaçao zou openbreken. Na een paar gesprekken met Chesal togen zij samen naar Curaçao om terug te gaan naar de plaats waar het misbruik plaatsvond. In twee verschillende periodes van haar jeugd werd Cora slachtoffer: toen ze acht was in de Sint Annakerk in Otrobanda en als twaalfjarige in de kerk van Suffisant, waar ze door verschillende paters werd misbruikt, onder meer in de biechtstoel. “Cora was een onzeker, zoekend meisje, de uitverkorene van mannen als deze”, vertelt Chesal. “Misbruikers hebben een antenne voor timide kinderen.” De strijdlustige, inmiddels zeventigjarige Cora uit Nederland verandert op Curaçao voor Chesals ogen op slag in het timide meisje, dat terugschrikt voor het effect dat het op de plaats van het misbruik zijn op haar heeft. “De openhartige vrouw wordt onbereikbaar, het wordt heel moeilijk haar te spreken. In de sfeer bovendien van daar, opgenomen tussen vrienden en familie, blijkt ze in een tang te komen. In hotel ‘t Klooster waar we hebben afgesproken met vrienden uit haar kindertijd rolt het verhaal eruit, met een klein kinderlijk stemmetje als van het kind van toen.” Chesal, die bij het vertellen erover zelf een brok in zijn keel krijgt: “Het was ongelofelijk wat het effect van het vertellen had op haarzelf en op haar vrienden.”
Ralph Raveneau. Foto © Robert Chesal
Sadistische mishandeling
Naast seksueel misbruik zijn er verhalen van mishandeling. Van nonnen, van wie niet bekend is dat ze zich schuldig maakten aan seksuele handelingen, wordt gezegd dat ze snel overgingen tot fysiek geweld, bijvoorbeeld slaan met stokken. Fysieke mishandeling kwam ook voor op het Sint Paulus College, een lagere school in Groot Kwartier van de Broeders van Dongen, een congregatie sinds 1948 actief op Curaçao. Ondanks dat de tijdsgeest in ogenschouw moet worden genomen waarin kinderen het ook thuis zwaar te verduren hadden, was Ralph Raveneau (61) één van de slachtoffers uit de jaren zestig van het sadisme van de gevreesde Broeder P., die kinderen terroriseerde, vernederde, bespuugde en mishandelde. Een broeder die dusdanige vreselijke lijfstraffen gaf dat angst de herinneringen kleurt van kinderen van deze school.
In de jaren vijftig en zestig waren het met name Nederlandse geestelijken die op Curaçao verbleven: de Fraters van Tilburg, Broeders van Dongen, vele priestercongregaties en nonnenordes. Toen in de jaren zeventig het aantal roepingen terugliep, dreigde een tekort aan geestelijken, zodat priesters uit Latijns-Amerika werden gehaald, met name uit Colombia.
Als slot van dit artikel het verhaal van Aldrico Amando Felida, die als veertienjarige misdienaar in 1976 het slachtoffer werd van de Colombiaanse pastoor Fabias in de parochie Jan Doret. Toen Fabias de jongens uitnodigde te blijven slapen om te oefenen voor de processie, moest Felida als uitverkoren misdienaar ‘extra oefenen’ in de kamer van de pastoor, waar deze bij hem kwam liggen en Felida afschuwelijke dingen liet doen. “Je voelt dat het verboden is, maar wie zou je geloven? Je hoopte dat het snel over was.” Toen het misbruik bij Aldrico’s ouders aan het licht kwam, vertrok de pastoor snel daarna, verbannen naar Colombia, zei men. In de preek kort na het incident werd de parochianen verteld dat de jongens in het dorp de kerk niet meer dienden en een duivelse weg waren ingeslagen.
Een jaar daarna vertrok Felida naar Nederland, waar hij jaren beleefde van depressie tot zelfmoordpogingen aan toe. “Ik raakte in de war over mijn seksualiteit. Was ik homofiel? Had ik het uitgelokt? Zelfs na de geboorte van mijn zoon kwam alles weer naar boven.” Felida ging in 2008 terug om het af te sluiten, jaren voordat het onderwerp breed in de belangstelling van de media kwam. Pater Römer, Fabias’ opvolger nam hem mee naar het bewuste kamertje en vertelde dat bisschop Ellis destijds op de hoogte was van Fabias’ misbruik, zowel op Curaçao als in Colombia vóór zijn aanstelling in Jan Doret. De alom zeer geliefde Römer bleek van veel meer misbruik op de hoogte, ook na Felida’s vertrek.
Stanley Brown. Foto © René Roodheuvel

 

Het was publiek geheim – wat oud-politicus en oud-onderwijzer Stanley Brown bevestigde – dat Colombiaanse priesters die misbruik pleegden door het bisdom Willemstad in de jaren tachtig en negentig werden verbannen om ze uit handen van justitie te houden. Overgeplaatst en niet gestraft, zodat het misbruik elders kon verdergaan.
Felida bezocht Ellis’ opvolger bisschop Secco, die zei dat hij nooit misbruikgevallen kreeg overgedragen, maar stuurde uiteindelijk een excuusbrief, waarin ‘vergiffenis werd gevraagd voor het misbruik en alle gevolgen daarvan gedurende zijn leven’.

Levenslang door seksueel misbruik

Na al die ervaringsverhalen van seksueel misbruik in de katholieke kerk op Curaçao  roept journalist Robert Chesal – die het misbruik grootschalig aan het licht bracht in 2010 – op tot de erkenning van de slachtoffers. Zelf slachtoffer van misbruik weet hij dat erover praten de enige mogelijkheid is tot herstel.
Kinderen die martelingen ondergingen terwijl een broeder naast ze een boek zat te lezen. Of kinderen die wekenlang in eenzame opsluiting in de kelders van een internaat doorbrachten. De intense eenzaamheid maakte dat ze bijna blij waren met het gezelschap van een geestelijke die ze ‘s nachts bezocht en liefkoosde, zo verlangend naar menselijke nabijheid in hun eenzame opsluiting. De onvoorstelbare verwarring, het schuldgevoel en het emotionele drama waaraan een kind wordt blootgesteld, betekent een levenslange lijdensweg.
Keep it happy
Het feit dat misbruikschandalen in de katholieke kerk vanaf 2010 boven tafel zijn gekomen, dat mensen hun verhaal kwijt konden, heeft gemaakt dat er enige verlichting kwam. Robert Chesal: “Wil er sprake zijn van genezing dan dient er eerst erkenning te komen voor de beschadiging die is opgelopen. In de meeste gevallen zijn de daders onvindbaar, waardoor het probleem nooit face to face besproken kan worden. Veel slachtoffers hebben de pijn toegedekt en verstopt, maar pijn toelaten is de enige manier om vooruit te komen.”
Veel slachtoffers in Nederland hebben zich na 2010 kunnen uiten en zijn daardoor individueel een stuk opgeschoten. In een maatschappij als die van Curaçao is het niet zo gebruikelijk te praten over zaken als deze. Chesal:  “Ik herken dat uit mijn eigen jeugd in Florida; op Curaçao kreeg ik hetzelfde gevoel. De code is: Keep it light, keep it happy, blijf lachen, alleen maar de succesverhalen. De altijd maar sterke buitenkant, de machocultuur. Ik heb me altijd afgevraagd hoe het kan dat macho’s zelf niet kunnen zien hoe ‘zwak’ ze zijn. Voor mij zijn de sterkste mensen diegenen die toegeven dat ze ook zwak zijn.”
Je komt de pijn niet voorbij als je deze niet eerst erkent. Daarbij komt dat de kerk zelf een geheel eigen code heeft van hoe je met pijn omgaat. “Daar zijn rituelen voor met gekunstelde taal, wazige beelden, restricties en biechtgeheimen. Hierdoor help je niemand vooruit in zijn proces.”
Opgeheven hoofd
Hoe moeilijk het ook is om toe te geven dat je slachtoffer bent, Chesal roept ook de mensen op Curaçao op om de slachtofferrol te erkennen om vandaar uit te werken aan herstel, wat ieder mens verdient. Emancipatie van het slachtoffer, waarmee hij bedoelt dat je zonder gêne kunt zeggen dat je slachtoffer bent. Het is geen schande, zoals vaak wordt gedacht, maar dan moet wel het emotionele eraf, volgens Chesal. “Zie het als feit. Je kunt met opgeheven hoofd zeggen dat je slachtoffer bent, als onderdeel van het grotere geheel van wie je bent. Je hoeft je hoofd niet te buigen, je niet als gebrandmerkt mens te gedragen. Als je de pijn van het misbruik in de kerk maar ook andere pijn op maatschappelijke schaal toelaat, kom je als persoon, maar ook als land in zijn geheel verder.”
Hij trekt het breder dan alleen het seksueel misbruik, omdat zoveel mensen zijn gekweld. “In vele naties, in vele mensen zit zoveel pijn die niet erkend wordt, daarvan zijn tal van voorbeelden. Om maar heel dichtbij te blijven, het slavernijverleden; de pijn van het kolonialisme wordt slechts mondjesmaat erkend en blijft generaties lang doorspelen. De één zegt dat het nu maar eens over moet zijn, de ander voelt nog altijd de pijn. Beide uitgangspunten zijn waar, maar spreek je het niet uit, blijft het op elkaar botsen.”
Eén keer excuus aanbieden volstaat niet, maar pas als de erkenning permanent aanwezig is in de maatschappij komen we als geheel vooruit, pas dan is er een mogelijkheid dat een taboe op welk vlak dan ook wordt doorbroken. “Het probleem lijkt dat als iedereen slachtoffer is, niemand het is. Ik bedoel daarmee dit: toen de joden na de oorlog terugkwamen, was er geen ruimte om te luisteren naar individuele verhalen, omdat iedereen gepijnigd was. De pijn van al die mensen gaat ondergronds een eigen leven leiden.”
“Maar ook ontkenning kan een rol spelen, bijvoorbeeld zoals ze in China met gehandicapte kinderen omgaan. De maatschappij wil het niet weten, dus ze worden ofwel weggestopt, ofwel je doet net of het kind normaal is. Ontkenning en afwijzing enerzijds of geen ruimte voor het individuele verhaal anderzijds houdt beide in dat er geen acceptatie is en dus ook geen weg naar genezing.”
Niet de mens verandert
Naast zijn dringende oproep om te praten over wat er is gebeurd ten tijde van het misbruik in de katholieke kerk van de jaren zestig tot negentig en de acceptatie van de rol van slachtoffer, benadrukt Chesal dat we ons bewust moeten blijven van het feit dat het misbruik niet uit de wereld verdwenen is. Het massale misbruik mag dan wel zijn afgenomen omdat de internaten weg zijn en er minder priesters zijn dan toen, maar dat betekent alleen dat de omstandigheden zijn veranderd, niet de mens zelf. Dat blijkt uit het feit dat er momenteel sprake is van veelvuldig misbruik in de sterk opkomende evangelische kerken. “Onder druk van snelle groei wordt niet voldoende aandacht besteed aan een gedegen check van mensen aan wie kinderen worden toevertrouwd. Datzelfde was het geval in de katholieke kerk die tussen circa 1850 (toen de katholieke kerk dezelfde status kreeg als de protestantse kerk) en 1950 een explosieve groei kende.”
Er zijn nog steeds recente verhalen van mensen die zijn misbruikt, misbruik van de laatste tien, vijftien jaar. In de nieuwe, evangelische kerken, maar ook in de katholieke kerk. Want waar bleven de verbannen paters? Het is bekend dat een pater die op Curaçao jongens verkrachtte, nu in Brabant werkzaam is. De familie van het slachtoffer houdt haar mond omdat die nog altijd afhankelijk is van het geld dat ze van de kerk ontvangt en ook het verantwoordelijke bisdom zwijgt erover.
Chesal: “Zo lang de economische macht van de kerk niet afneemt, zal de rol van de kerk blijven ingebed in de economie. We kunnen het celibaat alleen niet verantwoordelijk stellen voor het misbuik; het gaat om machtsverhoudingen en een blijvend vertrouwen in de goedheid van religieuze leiders. Een voorganger geldt niet als ‘normaal’ mens, maar geniet als charismatische leider meer vertrouwen en daarmee macht dan we op het eerste gezicht verwachten.”
Voorgangers hebben hoe dan ook, in welke tijd dan ook een bepaalde positie. Dat geldt niet alleen in de katholieke of de evangelische kerk, maar ook in de joodse gemeenschap waar Chesal zelf uit stamt.
Doorbraak naar eigen ervaring
De ervaringen die we beschreven in het voorgaande artikel deden wat met Robert Chesal. Zo betekende het verhaal van de Curaçaose Felida voor hem persoonlijk een doorbraak. Hij was onder de indruk van de moed van deze man om op zoek te gaan naar zijn dader. De vraag die de Curaçaose Cora hem stelde of hij zelf bereid zou zijn om zijn verhaal te vertellen als hij in haar schoenen stond, deed hem besluiten in zijn eigen verleden te gaan graven. Door alle verhalen kwam Chesals jeugd terug, waarin ook sprake was van seksueel misbruik. Deze ervaringen plus het feit dat hij in december 2010 op Curaçao was voor het optekenen van de verhalen, maakte zijn keerpunt duidelijk.
“In die hete natte decembermaand van 2010 werd ik teruggeslingerd naar mijn eigen jeugd in Florida, waar dezelfde broeierigheid heerste, er viel een deken van vochtige warmte over me heen.” De zoektocht naar seksueel misbruik in de katholieke kerk werd een zoektocht naar zijn eigen verleden, waarin hij ten prooi viel aan een pedofiel, een parttime muziekleraar op de joodse school. Deze Rick nam hem mee naar zijn huis, zogenaamd om daar gitaar te spelen, drogeerde hem om hem vervolgens te misbruiken.
“Ook hier gold dat er een tekort was aan mensen en zonder check werden er leraren aangenomen. Ook deze muziekleraar behoorde tot het ‘soort’ dat bewust werk opzoekt waar kinderen aanwezig zijn”, aldus Chesal, die wanhopige pogingen deed met de leraar in contact te komen, maar die tot op heden op niets uitliepen.
Troostprijs
In zijn in 2012 verschenen boek Een verzwegen verleden doet hij verslag van de zoektocht die begint bij het aan de kaak stellen van het misbruik in de kerk maar steeds meer zijn persoonlijke zoektocht wordt. Door deze zoektocht komt hij bovendien achter een pijnlijk feit: zijn vader blijkt niet zijn echte vader te zijn. Chesal zit op dit moment middenin de zich opstapelende emoties die alle zijn onder te brengen onder de noemer van de onuitspreekbaarheid der dingen, zoals hij het omschrijft.
“De onuitspreekbaarheid zit in het feit dat mijn moeder een relatie bleek te hebben buiten haar huwelijk, van wie ik het product ben, iets wat ze mij nooit heeft verteld. De onuitspreekbaarheid zit ook in het verdriet van mijn vader, die mij moest opvoeden, maar voor wie ik dagelijks het levende bewijs was van het overspel. Ik voel me een troostprijs, die het middelpunt is van liefde en verdriet. Ik ben gemanipuleerd door mijn moeder en probeer medeleven met haar te voelen, wat moeilijk is omdat zij inmiddels is overleden.”
Het feit dat dit Chesal is overkomen, heeft naar eigen zeggen gemaakt dat hij journalist is geworden “Ik wilde altijd speuren, altijd onderzoek doen omdat ik levenslang een basisgevoel had dat er iets niet klopte: someone is not telling me something.”
Trauma nooit weg
Zijn eigen ervaringen, de onthullingen over zijn verleden, maar ook de verhalen van zo vele beschadigde mensen is voor Chesal aanleiding zijn weg verder te zoeken in de journalistiek, ook na zijn ontslag in 2012 vanwege de reorganisatie van de Wereldomroep. Hij wil zich specifiek richten op zaken rond het menselijk lichaam, van seksueel misbruik tot euthanasie en de keuzevrijheid van vrouwen.
 “Een misbruikverleden sluit je nooit af als je de erkenning die je zoekt nooit hebt gekregen. Geen misbruikslachtoffer is er ooit mee klaar, je kunt het niet vergeten, het trauma gaat nooit weg. Het enige dat je kunt doen is er bewust mee omgaan. De onuitspreekbaarheid der dingen, dat is wat ik door de journalistiek bespreekbaar wil maken. Verhalen vertellen aan elkaar, kwetsbaar durven zijn, oog in oog staan met elkaar en van daaruit de acceptatie van mens tot mens, van volk tot volk.”
Robert Chesal – Een verzwegen leven. De dramatische waarheid achter de façade van een gewone familie.Bertram + de Leeuw Uitgevers, 2012, ISBN 9789461560957.
[uit Amigoe, zaterdag 25 mei 2013]
http://4.bp.blogspot.com/-SW9PqEWSif4/UkgCQHJzXkI/AAAAAAAArW4/JYTQJDikZAY/s1600/Een+verzwegen+leven+LR_1.png
Bron: werkgroep caraïbische letteren – Mineke de Vries

Mediation of Unieke Herstelbemiddeling: Verslag van een uniek proces

MEDIATION  JEZUIETEN en LOTGENOTENGROEP “CANISIUS”

 

Nadat in 2010 Dhr. Mark Klabbers via het Nederlandse actualiteitenprogramma Eén Vandaag naar buiten bracht dat er in zijn jeugd sprake was geweest van ernstig seksueel misbruik door de in 1996 overleden pater jezuïet, Jan Sanders SJ, volgden spoedig meer meldingen. De slacht­offers verenigden zich in de Lotgenoten-groep Canisius. Voor allen geldt dat het misbruik zich voordeed in de jaren zeventig en tachtig, in de context van het Canisiuscollege of de daarbij be­horende scoutinggroep van de Zeeverkenners (Nijmegen).

 

Uit de onderlinge besprekingen van deze (inmiddels tot boven het dozijn gegroeide) lotgenoten­groep, bleek spoedig dat men zich volstrekt niet kon vinden in de uitgangspunten en handel­wijze van het (door de KNR – Konferentie van Nederlandse Religieuzen – en de RKK – Rooms Katholieke Kerk – opgerichte) Meldpunt Seksueel Misbruik RKK.

 

De bezwaren richtten zich met name tegen de juridiserende setting, de plicht tot aanvoeren van steunbewijs, en de afhandeling van eventuele financiële tegemoetkoming door een compensa­tiecommissie. Vooral het feit dat (door middel van de zogenaamde Lindenbergh-categorieën) de verrichte handelingen tot een kwantitatieve financiële maatstaf werden herleid zette veel kwaad bloed.

 

In plaats daarvan wenste de lotgenotengroep een afhandeling die meer ‘op maat’ zou zijn van elk slachtoffer, dat wil zeggen: waarbij de erkenning, het samen zoeken naar de harde en complexe waarheid, én de ervaren (immateriële) schade tot uitgangspunten zouden worden gemaakt, met het oog op het definitief kunnen omdraaien van een pijnlijke bladzijde door alle participanten van het traject – ieder op zijn eigen manier.

 

In de loop van 2011 klopte de lotgenotengroep daartoe aan bij de toenmalige Provinciaal Jan Bentvelzen (NER). Hoewel deze bereid was mee te gaan met het idee van mediation, verliepen de besprekingen hierover om diverse redenen moeizaam. Het idee kreeg pas vaste vorm in het najaar van 2012.

 

Als voorbeeld werd een eerder mediation-traject tussen religieuzen en slachtoffers genomen, namelijk dat van de paters salesianen, die met een groot aantal slachtoffers tot een vergelijk wa­ren gekomen. De werkwijze verschilde echter hierin dat in de bemiddeling van de salesianen fi­nanciële tegemoetkoming toegekend werd door een commissie die in principe los stond van de  mediation, terwijl in ons traject de tegemoetkoming juist binnen die bemiddeling tot stand  kwam. De Lotgenotengroep Canisius droeg zelf mediatoren voor: Drs. L. Stam (seksuoloog NVVS-psychotherapeut en gespecialiseerd in seksueel misbruik bij jongeren) en Mr. L. ten Brink (mediation-advocaat en oud-leerling van het Ignatiuscollege in A’dam).

 

De voorbesprekingen leidden in de zomer van 2013 tot een groepsovereenkomst en tot indivi­duele overeenkomsten, met de provinciaal en slachtoffers. Deze groepsovereenkomst bepaalt ook dat voorlopig nog onbekende (en dus nog niet behandelde) slachtoffers beroep kunnen doen op dit traject tot 31 december 2017. Zo kon het mediation-traject beginnen met de slachtoffers die zich intussen bij de jezuïeten hadden gemeld. Velen daarvan hebben nooit een melding inge­diend op het Meldpunt.  (Dit Meldpunt werd overigens per juli 2014 opgeheven.)

 

Om praktische redenen werden de slachtoffers, die zich liever lotgenoten noemen, opgedeeld in twee groepen: de eerste groep begon het mediation-traject in het najaar van 2013, de tweede groep in de eerste maanden van 2014. De mediation bestond steeds uit twee of drie individuele voorbereidende gesprekken van de mediatoren met één van de lotgenoten, gevolgd door een dag waarop de verslagen van deze gesprekken met de mediators en de twee vertegenwoordigers van de orde werden besproken. Hierna vonden twee of drie bemiddelingsgesprekken plaats waarbij eerst de vicaris voor Seksueel Misbruikzaken, Theo van Drunen, en later ook de provinciale overste, Johan Verschueren, aanwezig waren.

 

De voorbereidende gesprekken dienden om de slachtoffers bij hun verhaal te brengen. Nadat het onderlinge vertrouwen daartoe voldoende was gegroeid, konden ook  de zeer pijnlijke herinneringen aan het misbruik door de beide media­toren met erkenning en vanuit hun deskundige ervaring worden besproken. Elk gesprek werd genotuleerd door een professionele secretaris, zo nodig gecorrigeerd door de betrokken persoon en vervolgens bezorgd aan Theo van Drunen en Johan Verschueren. Dit alles maakte het mogelijk om een accuraat beeld te krijgen over het psychologisch profiel van de dader, zijn modus operandi t.a.v. slachtoffers en medebroeders.

 

Maar vooral kregen zij inzicht in de betekenis die het voor de lotgenoten des­tijds had, om met dit dubbelleven met een groot geheim en de eenzaamheid die dit gaf, om te gaan. Ook om de langdurige gevolgen voor hun latere leven aan te horen, zoals problemen in de werksituatie als het omgaan met autoriteiten en gericht op controle van de omgeving, de moeite om met intimiteit om te gaan, de veelal verstoorde seksuele ontwikkeling, relationele proble­men en  vele andere gerelateerde problematiek..

 

In de bemiddelingsgesprekken die hier op volgden stond de dialoog tussen de beide betrokke­nen (de lotgenoot en de vertegenwoordiger van de orde) centraal. Na afloop konden Theo van Drunen en Johan Verschueren naar ieder individueel slachtoffer oprecht erkenning geven en  schaamte en spijt betuigen over de afschuwelijke en misdadige handelingen die in het verleden hadden plaatsgevonden,  en de gevolgen die dit voor hun leven heeft gegeven. Eveneens  spraken zij oprechte spijt uit m.b.t. de (bestuurlijke) missers die zich in de afhandeling hadden voorgedaan. Waar nodig verschaften ze ook achtergrondinformatie over de geschiedenis, het bestuur en de veranderingen in de werkwijze van de Orde. Het op deze wijze uit de weg ruimen van misverstanden verschaf­te de basis om uiteindelijk naar buiten te kunnen komen met een gezamenlijk verhaal over het misbruik.

 

Naarmate het vertrouwen groeide tussen de partijen, voelden allen het helend effect van de ses­sies. De lotgenoten toonden zich vaak zichtbaar opgelucht door de erkenning. En de vertegenwoordigers van de orde maakten gaandeweg een bekeringsproces door, en ervoeren ook op hun beurt heling, waar zij zich  verraden voelden door de misdadig handelingen van één van hun medebroeders in het verleden. De degelijkheid van het mediation-traject bewees zich ten slotte hierin, dat met elk van de dertien deelnemende lotgeno­ten een akkoord werd gevonden waarbij iedereen zich goed voelde en waarbij een vaststellings­overeenkomst getekend werd waarin de erkenning, spijtbetuiging, financiële tegemoetkoming, en eventuele aanvullende vormen van hulpaanbod vervat liggen.

 

Hoewel het gebeurde niet ongedaan gemaakt kan worden, overheerst bij de lotgenoten op dit ogenblik het positieve gevoel van in hun verhaal eindelijk gehoord en erkend te worden. Ver­schillende van hen hebben zich dan ook bereid verklaard samen met de paters jezuïeten na te willen denken over opvolging in de vorm van een publiek monument voor de slachtoffers, en/of het ontwikkelen van ideeën met betrekking tot preventie en bewustwording. Met een publiek monument voor de slachtoffer willen we ook erkenning geven aan degenen die zo beschadigd werden dat ze het leven niet meer aankonden.

 

Johan Verschueren SJ en Theo van Drunen SJ

Voor vragen en/of meer informatie : raymond.lelkens@gmail.com

Ondertussen in Nederland – over seksueel misbruik

Een column van Alexander Veerman:

Ondertussen in Nederland – over seksueel misbruik

Afgelopen nacht kon ik niet slapen. Ik dacht aan de 1400 meisjes in Rotherham, Engeland, die in de afgelopen jaren geleden hebben onder stelselmatig seksueel misbruik. Gevangen in een verschrikkelijk web van seksueel misbruik.  Meisjes die worden uitgeleverd aan mannen. Bij het woord ‘uitgeleverd’ huiver ik. Wie leveren uit? Het zijn vaders, broers, moeders, vertrouwenspersonen – het zijn de mensen op wie het kind had moeten kunnen vertrouwen. Het zijn de mensen die de plicht, de roeping hadden om onvoorwaardelijk van het meisje te houden. Wat een diep verraad.

door Esther Veerman

door Esther Veerman

Rotherham

Afgelopen nacht lag ik wakker, en dacht aan de meisjes in Rotherham. Niet alleen werden en worden ze op een gruwelijke manier misbruikt, maar ook werden ze niet geloofd. Het niet geloofd worden – hoe verschrikkelijk moet dat zijn? Hoe diep wordt dan je eenzaamheid? Er was niemand die aan de bel trok. Velen waren op de hoogte of konden op de hoogte zijn geweest, maar er werd opzettelijk de andere kant uit gekeken. Een cultuur van ontkenning. In die cultuur kon het misbruik verschrikkelijke vormen aannemen.

Ook in Nederland

Vannacht kon ik de slaap niet vatten. Ik moest denken aan al die jongens, meisjes en volwassenen die op dit moment te maken hebben met misbruik. Elk jaar worden 62.000 kinderen voor de eerste keer slachtoffer van een vorm van seksueel geweld. Ik moest denken aan al die mensen die slachtoffer zijn geworden van seksueel misbruik en worstelen met de gevolgen. Ik moet denken aan de verstikkende eenzaamheid, omdat het zo zwaar en ongelofelijk angstig is om met je verhaal naar buiten te komen. Wat doet het met je, wanneer je niet geloofd wordt, wanneer je gezegd wordt te zwijgen, wanneer je ontdekt dat er een cultuur heerst van zwijgen, ontkennen en de andere kant opkijken.

Geen geïsoleerd probleem

We mogen niet langer onze ogen sluiten. Seksueel misbruik is niet een geïsoleerd probleem van een gestoorde gek of een zieke groep. Seksueel misbruik komt zo breed voor in de samenleving, dat het blijkbaar diep in onze cultuur is verankerd. Dat is het eerste waar we van doordrongen moeten raken. Misbruik komt in alle lagen van de bevolking voor, en in het overgrote deel van het misbruik is de dader een bekende van het slachtoffer. Het meeste misbruik vindt binnen onze eigen gezinnen plaats.

Cultuur van zwijgen

Waarom wordt er zo vaak en gemakkelijk in alle toonaarden gezwegen over misbruik? Dat daders zwijgen ligt voor de hand. Wanneer een situatie van misbruik uitkomt, valt de hele samenleving over de dader heen. De extreme verontwaardiging is geen meeleven met het slachtoffer, maar een ultieme manier om het kwaad te bezweren. De dader is het geïdentificeerde kwaad en moet worden uitgedreven. Er is geen ruimte om na te denken over het klimaat waarbinnen het misbruik kon ontstaan.

Slachtoffers zwijgen omdat ze vaak loyaal zijn aan de daders. Het zijn immers vaak bekenden. Kun je je broer, oom, vader of tante aangeven? Daarnaast gaat misbruik vaak gepaard met dreiging. Daders bedreigen of manipuleren slachtoffers, zodat ze veel moeten overwinnen om het verhaal naar buiten te durven brengen. Tot slot moeten slachtoffers ook de eigen schaamte overwinnen. Slachtoffers voelen zich vaak schuldig over het misbruik en schamen zich voor wat hen is aangedaan. Blaming the victim, ongeloof en onbegrip verergeren de schaamte.

De omstanders zwijgen omdat de verhalen van misbruik de idylle van veiligheid op het spel zetten. Gezinnen blijken niet zonder meer de hoeksteen van de samenleving te zijn. Sportverenigingen, kerkelijke gemeenschappen, instellingen, scholen en crèches blijken veel minder veilig dan gedacht. Ontkennen en de andere kant op kijken is een manier om de idylle in stand te houden. De nadruk om te vergeven of om het misbruik met de mantel der liefde te bedekken zijn middelen om het zwijgen in stand te houden. Het aanhoren en geloven van de verhalen van de slachtoffers vraagt om ingrijpen, om handelend optreden. Het vraagt om naar onze eigen houding en onze eigen rol te kijken. Luisteren naar het slachtoffer vraagt om betrokkenheid. Neutraal blijven speelt de dader in de kaart en houdt het klimaat waarbinnen het misbruik kan woekeren in stand

Het is tijd om wakker te liggen en op te staan.

[komt van http://alexanderveerman.wordpress.com/]